
Een eerlijke gids over infraroodverwarmingsbuizen van koolstofvezel
Het principe achter deze buizen is dat er elektriciteit door een koolstofvezelfilament wordt geleid, dat zich bevindt in een omhulsel van kwarts of keramiek.
Als je eerder gebruik hebt gemaakt van traditionele metalen verwarmings-elementen, zul je meteen een groot verschil merken. Deze buizen worden namelijk erg snel heet. Bovendien geven ze energie af in het midden- tot langgolvige infrarode gebied. Dit heeft invloed op de manier waarop de warmte op het materiaal terechtkomt.
Het juiste vermogen kiezen
We ontwerpen deze buizen zodat ze veel vermogen kunnen verwerken in een klein oppervlak. Als je een buis kiest met een hoge vermogenswaarde, maar een korte lengte, creëer je eigenlijk een zeer sterke hittebron. Dit is precies wat je nodig hebt voor processen als het blazen van PET of het snel drogen van materiaal – hier kun je geen tijd verliezen; de oppervlakte moet binnen seconden de gewenste temperatuur bereiken.
Maar let wel op het voltage: of je nu werkt met 220V of 380V, zorg ervoor dat dit overeenkomt met je stroomnetwerk. Als je te veel ampères door de buis stuurt, zal het filament beschadigen. Eenvoudig gezegd.
Wat zit er onder de motorkap?
Het hart van de buis is dat koolstofvezelfilament. Om te voorkomen dat dit filament oxideert of besmet raakt, wordt het omhuld met hoogzuiver kwarts. Afhankelijk van waar je de buizen gebruikt, kunnen we ook speciale coatings op het glas aanbrengen. Sommige coatings zorgen voor een verandering in het warmtestralingspatroon, terwijl andere coatings voorkomen dat de buis beschadigd raakt door chemische stoffen op de werkplek.
Hoe worden ze in de machine geplaatst?
Voor het aansluiten van deze buizen gebruiken we standaard R7-aansluitingen of gespecialiseerde pinnetjes. We willen dat het gemakkelijk is om ze te installeren; ze passen dus rechtstreeks in de plekken waar vroeger de halogeenverwarmers zaten.
De nadelen (de eerlijke kant)
Deze buizen zijn inderdaad zeer effectief, maar ze zijn niet zo duurzaam als andere verwarmingsmethoden. Ze zijn broos. Je kunt ze niet behandelen zoals gewone roestvrijstalen verwarmers. Eén harde klap of een onhandige beweging tijdens de installatie kan al zorgen voor schade aan het kwartsomhulsel.
Er is ook nog het probleem van ‘hot spots’. Omdat de energie zo geconcentreerd is, kan het materiaal oververhit raken als het stil blijft liggen. Het is dus belangrijk om het materiaal in beweging te houden.
En tot slot: houd goed in de gaten hoe je PID-regelaars werken. Je moet ze zorgvuldig kalibreren, zodat je de gewenste temperatuur niet overschrijdt en je materiaal niet beschadigt.